De lijfspreuk van het Soda is afkomstig uit het Grieks van Plato: “ναρθηκοφόροι μὲν πολλοί, βάκχοι δέ τε παῦροι” (Phaedo 69c8). Dit betekent: “Velen dragen een Bacchusstaf, er zijn echter weinig Bacchussen.” Bacchus is de god van de wijn, maar was niet elke dag straal bezopen. Dat is de kern van deze uitspraak: je kunt nog zo veel attributen met je meesjouwen of rare dingen eten en drinken, maar je bent gewoon wie je bent. Dit vinden wij dit een mooi uitgangspunt. Daarnaast heeft onze vereniging ook een lied, het zogenaamde Ubi flavas Rhenus undas. Dit lied wordt gezongen op vergaderingen en andere officiële gelegenheden. Het wordt gezongen in het Latijn, maar er is ook een Nederlandse vertaling beschikbaar. De tekst van het lied is hieronder te vinden, evenals twee vertalingen. Een uitvoering van het lied door Sodakoor Choreas is hier te vinden. Een instrumentale versie op piano door Daan Schouten is hier te vinden.

 

‘Ubi flavas Rhenus undas’

Ubi flavas Rhenus undas
mare spectans dividit,
Musarum sedes iucundas
docta Pallas condidit.
Huc iuventus Batavorum
studiosa properat,
ut Graecorum et Romanorum
mores artes ediscat.

Refrein:
Pis fhefhaked eisei tribarakiuf? (bis)

Sed non seria tractamus,
sola: sumus iuvenes!
Patrium potum probamus
et cantamus alacres.
Vinum quod pellit maerorem,
generosum bibimus.
Pila quaerimus sudorem
nec choreas spernimus.

Refrein

Alma mater Carolina,
vivas, crescas, floreas,
pietate et doctrina
alumnorum gaudeas.
Lux clarorum magistrorum
orbi toti fulgeat
et serpentium errorum
monstra victrix deleat.

Refrein

‘Waar de Rijn zijn blonde stromen’

Waar de Rijn zijn blonde stromen
splitst, terwijl hij de zee ziet,
heeft de geleerde Pallas
de aangename residentie van de Muzen gesticht.
Hierheen haast de leergierige
jeugd van de Bataven zich,
om de gewoonten, de kunsten
van de Grieken en Romeinen grondig te leren kennen.

Refrein:
Wie heeft dit ?huis? gebouwd? (2x)

Maar wij behandelen niet alleen
ernstige zaken: wij zijn jongeren!
Wij beoordelen de drank van de voorvaderen
en wij zingen vrolijk.
De edele wijn, die de somberheid
verdrijft, drinken wij.
Met de speelbal zoeken wij zweet op
en wij verachten koordansen niet.

Refrein

Moge jij, Alma Mater Carolina,
leven, groeien, bloeien,
je verheugen in het plichtsgevoel
en de geleerdheid van de leerlingen.
Moge het licht van de roemvolle docenten
schitteren over de hele wereld
en als winnaar de verschrikkingen
van de om zich heen grijpende fouten verdelgen.

Refrein

 

 

 

‘Alwaar de Rijn zijn blonde golven’

Alwaar de Rijn zijn blonde golven
splitst met uitzicht op de zee,
is ‘t heerlijk Muzenheiligdom
door knappe Pallas opgericht.
De jeugd der Batavieren spoedt zich
daarheen uit leergierigheid,
om van de Grieken en Romeinen
kunst en leven op te steken.

Refrein
‘Wie heeft toch dit huis gebouwd?’
(2x)

Maar wij doen niet alleen aan ernst,
o nee! Wij zijn nog jong en wild!
Wij testen ook de drank der vaders
en wij zingen met plezier!
De wijn, die alle droefheid weert,
dat edele vocht, dat drinken wij.
Wij sporten ons graag in het zweet
en zijn niet tegen samen dansen.

Refrein

U, milde Karolijnse Moeder,
leve hoog in groei en bloei!
En mogen spirit en geleerdheid
van uw telgen u verheugen!
Moge ‘t licht van topdocenten
wereldwijd zijn glans verspreiden
en het groeiend kwaad van dwaling
overwinnen en verdelgen!

Refrein 

[vertaling Vincent Hunink]